Van een veilig bouwplan naar een veilig gebouw

Verslag van de G40/G4-leerkring over de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), 5 maart 2020
Nieuws-persbericht, Platform31 26 maart 2020

Net als de Omgevingswet treedt de nieuwe Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) op 1 januari 2021 [Red: inmiddels uitgesteld tot 2022] in werking. De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. De focus komt te liggen op het toetsen van het in aanbouw zijnde of opgeleverde gebouw, in plaats van het bouwplan. De G40 en G4 verkenden de gecombineerde impact van beide wetten. Wat doe je aan de terugloop van de legesinkomsten en wat is de wisselwerking met het omgevingsplan en de organisatieontwikkeling?

“Onder de Wabo is de papieren toets en het besluit dat daaruit volgt, belangrijker dan dat het gebouw overeind blijft.” Wico Ankersmit, directeur van de Vereniging Bouw- en Woningtoezicht, over waar het de nieuwe wet in essentie om te doen is. “Het gaat erom dat we het product dat bouwers leveren zien als gebouw waar mensen in wonen en werken; als leefomgeving. Dat wil de wetgever bereiken door onafhankelijke kwaliteitsborgers tijdens de bouw te laten toezien op kwaliteit. De gemeente blijft als bevoegd gezag verantwoordelijk voor het toezicht, maar focust zich op de risicobeoordeling vooraf en handhaving tijdens de bouw en achteraf. Daarnaast scherpt de wet de aansprakelijkheid van de bouwer aan, met het oog op een verbeterde positie van de consument.”Verschuiving van het zwaartepunt van de gemeente in het vergunningverleningsproces, volgens Wico Ankersmit (Vereniging BWT).

Wkb en Omgevingswet: drie raakvlakken

De impact van de Wet kwaliteitsborging van het bouwen enerzijds en de Omgevingswet anderzijds raken op verschillende manieren. We zoomen in op de drie belangrijkste raakvlakken, zoals bediscussieerd in de leerkring.

  1. De Wkb, de ‘bruidsschat’ en het omgevingsplan
    Vanwege de veranderingen die de Wkb met zich meebrengt, wordt de vergunningverlening onder de Omgevingswet in tweeën opgeknipt: de ruimtelijke component en de bouwtechnische component. De Wkb bepaalt dat de laatstgenoemde niet langer vooraf wordt getoetst door de gemeente, op basis van het bouwplan, maar door toetsing gedurende de bouw en bij oplevering door een onafhankelijke kwaliteitsborger. Of er voor bouwplannen een bouwtechnische vergunning nodig is, of dat kan worden volstaan met een meldingplicht of helemaal geen vergunning, is landelijk vastgelegd. Voor de ruimtelijke component kan de gemeente dat voor een aanzienlijk deel zelf bepalen, voor zover het om activiteiten gaat die onder ‘de bruidsschat’ vallen. In beginsel doen ze dat door in te schatten welke risico’s activiteiten hebben voor de fysieke leefomgeving. Maar in de praktijk kan er voor gemeenten best eens een andere factor meewegen in deze keuze: het genereren van legesinkomsten. Daarover hieronder meer.
  2. Effecten op legesinkomsten
    De initiatiefnemer van een bouwactiviteit schakelt – lees: huurt – per 1 januari 2022 zelf een onafhankelijke kwaliteitsborger in. Omdat gemeenten voor deze activiteiten minder taken uitvoeren, kunnen ze minder leges heffen, althans, voor de vergunning voor de bouwtechnische component. De gemeente blijft de toetsing van de ruimtelijke component van een initiatief – past dat in het omgevingsplan? – zelf doen. Voor zover dat nodig is, tenminste. De Omgevingswet ademt immers de ‘Ja, mits-gedachte’ en het zoveel mogelijk stellen van algemene regels. Kort door de bocht betekent dat: zo min mogelijk vergunningplichten in het omgevingsplan en zoveel mogelijk activiteiten vergunningsvrij of eventueel meldingsplichtig maken. De consequentie van deze tendens is echter dat er minder leges kan worden geïnd.
    “We constateren dat er straks een perverse prikkel bestaat om vergunningplichten in stand te houden, zodat de afdeling vergunningverlening vanaf 2022 kan worden blijven bekostigd”, aldus Esther van Kooten Niekerk, kwartiermaker Wkb bij de VNG. Wico Ankersmit gaat daar in mee. “Hoe we omgaan met leges bepaalt de financiële toekomst van ons vakgebied. Objectgebonden leges zijn straks niet meer toereikend.” G40 en G4-gemeenten oriënteren zich momenteel op alternatieve financieringsvormen. Ze lopen er tegenaan dat hun begrotingen en legesverordeningen binnenkort al moeten worden vastgesteld, zonder dat nog duidelijk is wat de exacte impact op de financiering is. De Vereniging BWT heeft deze Exceltool beschikbaar gesteld om een inschatting te maken van de impact. Eén van de pragmatische suggesties uit de zaal is om in de risicoparagraaf van de begroting in te gaan op de onzekerheid over de toekomstige legesinkomsten.
  3. Impact op de gemeentelijke organisatie, cultuur en competenties
    De gekleurde grafieken uit de presentatie van Ankersmit maken inzichtelijk hoe de rol van de gemeente in het vergunningverleningsproces gaat veranderen: minder toetsen en toezien, meer voorspreken en handhaven. Jimco Drost, kwartiermaker Wkb bij de VNG, benadrukt de HRM-gerelateerde effecten van de wet. “BWT-ambtenaren hebben straks andere competenties nodig en daarvoor zijn opleidingsplannen nodig. Het is spannend hoe deze opleidingsbehoefte zich verhoudt tot de piek in het aantal vergunningaanvragen, die in eveneens in de tweede helft van dit jaar te verwachten valt.”
    De competentieverandering waar de Wkb om vraagt, sluit goed aan bij de cultuurverandering van de Omgevingswet. De overheid blijft verantwoordelijk, maar moet een stukje van haar taken overhevelen naar de samenleving. Loslaten in plaats van vastbijten; hands-off in plaats van hand-on. Van Kooten Niekerk: “wat er straks ook bij hoort, is de afstemming met de nieuw aan te wijzen kwaliteitsborgers. Die zullen vooral technische expertise hebben en minder geëquipeerd zijn in de ruimtelijke ordening. Het is straks belangrijk om het goed te kunnen instrueren en waar nodig te overtuigen van het gemeentelijke perspectief.”

Implementatie Wkb en Omgevingswet in de Almeerse praktijk

De gemeente Almere heeft de implementatietrajecten van beide wetten geïntegreerd. Casper van Busschbach (adviseur Wkb gemeente Almere / Q2 System Engineering) legt uit dat hierdoor strategische keuzes helder worden, bijvoorbeeld ten aanzien van financiën, HRM, ICT en organisatie. “Op HRM-gebied kan overwogen worden of het handig is om de medewerkers die dicht op hun pensioen zitten de lopende trajecten te laten afhandelen, terwijl je de jonge honden meteen volle bak op de nieuwe werkprocessen inzet.” Van Busschbach merkt ook dat het feit dat beide wetten op 1 januari 2022 worden ingevoerd, niet automatisch zo integrerend werkt als je zou verwachten. “Dat komt omdat de wetten verschillende effecten hebben op het VTH-domein, afhankelijk van het ‘bouw-DNA’ van een gemeente. Wat ook compliceert, is dat de omgevingsplannen veelal pas in de transitiefase (2021-2029) zullen worden opgesteld, net als de omgevingsvisies die in 2024 af moeten zijn. En dat terwijl de inhoud van die beide instrumenten voor het laten slagen van de Wkb-stelselwijziging van groot belang is: die moet namelijk wat bouwtoezicht betreft handhaafbaar en uitvoerbaar zijn.” Bij de implementatie werkt Almere overigens nauw samen in de regio. “We zijn in overleg met ketenparters en de regio, bijvoorbeeld in Platform Flevoland, om proefprojecten op elkaar af te stemmen en de geleerde lessen te delen. Zo halen we het maximale rendement uit eenieders proefprojecten.”

Proefprojecten en roadshows

Door het oefenen in proefprojecten kunnen overheden, initiatiefnemers en kwaliteitsborgers ervaring opdoen met de nieuwe Wkb en kunnen knelpunten worden achterhaald. Jimco Drost en Esther van Kooten Niekerk van de VNG leggen uit te streven naar een ‘representatieve doorsnede’ van projecten. Voor de minder voor de hand liggende typen projecten is er mogelijk een kleine bijdrage beschikbaar. Proefprojecten kunnen hier worden aangemeld. Dit startpakket helpt u op weg om een proefproject succesvol op te starten. Wico Ankersmit kondigt verder aan dat de Vereniging BWT, de VNG en het ministerie van BZK hel land ingaan met Roadshows voor zowel overheden als marktpartijen. Meer informatie over waar en wanneer de Roadshows plaatsvinden (en of ze gelet op de Corona-maatregelen doorgaan) vindt u hier.

Presentaties