Veelgestelde vragen

Algemeen (10)

Met kwaliteitsborging in de bouw wordt bedoeld het bewaken van de kwaliteit van ontwerp en uitvoering op een zodanig wijze dat het eindresultaat aan de voorschriften van het Bouwbesluit voldoet.  In het huidige stelsel toetst de gemeente bouwplannen vooraf en ziet op de uitvoering volgens de verleende vergunning. Onder kwaliteitsborging dragen partijen in de bouw zelf zorg voor het voldoen aan de voorschriften op basis van een instrument voor kwaliteitsborging.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
4 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Een kant en klaar antwoord op deze vraag is niet te geven. Vlakblad ‘De Aannemer’ gaat in een aantal artikelen dieper in op deze vraag en geeft mogelijke antwoorden.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
1 iemand anders vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Met Private kwaliteitsborging wordt een onderdeel van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen aangeduid: het vervangen van de gemeentelijke Bouwbesluittoets door kwaliteitsborging op basis van toegelaten instrumenten. Bij Private kwaliteitsborging ziet een Kwaliteitsborger toe op het voldoen aan de voorschriften.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
4 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Het bevoegd gezag (in veel gevallen de gemeente) toetst de aanvragen op aannemelijkheid. Hierbij wordt beoordeeld of bouwplan het op papier voldoet aan onder andere het Bouwbesluit. Daarnaast zien gemeenten – afhankelijk van hun beleid en capaciteit – meestal ook toe of het bouwwerk conform verleende omgevingsvergunning wordt uitgevoerd. De focus ligt hierdoor in het huidige stelsel onvoldoende op de kwaliteit van het uiteindelijke gebruiksgerede bouwwerk. Hierdoor ontstaat hierdoor een soort schijnzekerheid, mede omdat veel vergunninghouders denken dat de gemeente het gehele plan heeft beoordeeld en dat het dus geheel aan regels zal gaan voldoen. Prikkels voor de bouw om zelf te zorgen voor goede kwaliteit ontbreken, waardoor:

  • partijen zich “verschuilen” achter de vergunning;
  • er een gebrek aan prikkels is om kwaliteit te leveren;
  • de (bouw)consument een zwakke positie heeft ten opzichte van de bouw;
  • de kwaliteitsverbetering via het publieke spoor uitblijft;
  • de verantwoordelijkheden onduidelijk zijn;
  • er een papieren werkelijkheid is;
  • er een gebrek aan naleving van de regels is;
  • de focus te veel op tijd en geld ligt.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Nee, als u nu een vergunning nodig heeft dan zal dat in de nieuwe situatie ook nog steeds het geval zijn. Wel hoeft u minder informatie aan de gemeente aan te leveren.

Een aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen wordt getoetst aan het Bouwbesluit, aan het bestemmingsplan, aan welstand en aan de bouwverordening. Na invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen vervalt de toets aan het Bouwbesluit. De vergunning blijft wel bestaan, maar bouwpartijen worden zelf verantwoordelijk voor het voldoen aan het Bouwbesluit.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Nee, één van de huidige taken van het bouwtoezicht – het toetsen van bouwplannen aan het Bouwbesluit – verdwijnt. Bouwtoezicht blijft wel het toezicht op de bestaande bouw houden en ook toezicht op het gebied van welstand, ruimtelijke ordening en omgevingsveiligheid blijft een gemeentelijke taak.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
3 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Met het voorgenomen stelsel van kwaliteitsborging zullen taken van de gemeenten komen te vervallen waardoor voor deze taken geen leges meer kunnen worden geïnd. De legeskosten zijn immers gebaseerd op maximaal 100% kostendekkendheid. In gemeenten waar reeds met nieuwe kwaliteitsborging ervaring wordt opgedaan, blijkt dat gemeenten kortingen op leges doorvoeren.

Niettemin is het moeilijk te voorspellen wat er met de hoogte van de leges zal gebeuren. Daar waar de dienstverlening wegvalt en waar dit leidt tot lagere kosten, zullen die tot een verlaging van de leges moeten leiden.

Bij de verschillende pilots die zijn en worden uitgevoerd door gemeenten met nieuwe vormen van kwaliteitsborging is het beeld eveneens divers. Sommige gemeenten geven aanzienlijke kortingen voor bouwprojecten die met behulp van private kwaliteitsborgers worden uitgevoerd. Andere gemeenten geven in het geheel geen korting (click hier voor een overzicht). Een logisch uitvloeisel van het bestaande legesstelsel is dat gemeenten een korting op de leges doorberekenen, voor zover het nieuwe kwaliteitsborgingsstelsel voor hen leidt tot lagere kosten (zie ook het antwoord op Kamervraag 5 over leges).

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Een klassenindeling van bouwwerken uit het oogpunt van de twee aspecten die de grootste directe gevolgen hebben voor de gebruikers indien er iets mis gaat met het gebouw: de constructieve veiligheid en brandveiligheid. Naarmate de mogelijk gevolgen bij een calamiteit groter worden, neemt de gevolgklasse toe. Er worden drie Gevolgklassen omschreven, hiervan is Gevolgklasse 1 op dit moment als enige gedefinieerd. De nieuwe wet zal in eerste instantie ook alleen voor gevolgklasse 1 gelden.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
2 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

In het document Reikwijdte aannemelijkheidstoets – nu al starten met pilots kunt u nalezen waar u als gemeente binnen het huidige wettelijke kader minimaal aan moet voldoen om nu al te kunnen starten met private kwlaiteitsborging. U kunt ook contact opnemen met instrumentaanbieders of met iBK mocht u vragen hebben over pilots. Een overzicht van pilots vindt u hier.

Instrumenten voor kwaliteitsborging waarmee wordt geëxperimenteerd worden niet automatisch toegelaten tot het nieuwe stelsel. Zodra alle eisen bekend zijn, worden alle instrumenten beoordeeld alvorens ze ook daadwerkelijk in het nieuwe stelsel kunnen worden toegepast.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
1 iemand anders vonden dit nuttig.

2 Reacties - Geef een reactie

Het Instituut voor Bouwkwaliteit is een zelfstandige stichting, opgericht als kwartiermaker voor het nieuwe stelsel voor kwaliteitsborging in de bouw. De kwartiermakers werken nauw samen het ministerie van BZK aan de voorbereiding van de benodigde wet- en regelgeving. De focus van iBK ligt daarbij op het inrichten van de Toelatingsorganisatie: een zelfstandig bestuursorgaan dat de toezichthouder op het nieuwe stelsel wordt.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Algemeen: de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (12)

De regering zet al jaren in op verbetering van de kwaliteit van de bouw en de positie van de consument. Dit heeft niet de beoogde verbetering van de bouwkwaliteit opgeleverd. Het huidige stelsel biedt partijen die dit willen, de mogelijkheid onder hun verantwoordelijkheden voor het leveren van kwaliteit uit te komen, doordat deze verantwoordelijkheid niet goed is afgesproken.

Met dit wetsvoorstel wil de regering aansluiten op dat deel van de bouw dat wel kwaliteit willen leveren. De verantwoordelijkheid voor het leveren van kwaliteit door bouwbedrijven wordt aangescherpt. Daarbij hebben bouwende partijen zelf de kennis, ervaring en mogelijkheden in om goede kwaliteit te waarborgen. Een nieuw stelsel van naleving, aansprakelijkheid en toezicht en handhaving zal meer prikkels geven aan de bouwsector om kwalitatief goede bouwwerken op te leveren. De focus verschuift daarbij van het vooraf toetsen naar het bij oplevering laten zien dat aan de voorschriften is voldaan. Van papier naar werkelijkheid.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
5 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Op dit moment zijn veel eenvoudige bouwwerken vergunningplichtig omdat ze bijvoorbeeld aan de voorkant van een gebouw gebouwd worden of ze te groot zijn. Denk bijvoorbeeld aan een dakkapel aan de voorzijde of een te grote aanbouw aan een woning. Onder het nieuwe stelsel worden dit soort bouwwerken Bouwbesluittoetsvrij. Dit wil zeggen dat ze wel vergunningplichtig blijven, maar dat de vergunningaanvragen niet aan het Bouwbesluit worden getoetst. Dus bij de vergunningaanvraag voor dakkapel of aan- of uitbouw hoeven ook geen gegevens met betrekking tot het Bouwbesluit meegeleverd te worden.

Op bouwwerken die Bouwbesluittoetsvrij zijn, is geen private kwaliteitsborging van toepassing.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
1 iemand anders vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

De regels van de Wet kwaliteitsborging zullen worden overgenomen in een AMvB onder de Omgevingswet: het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), de opvolger van het Bouwbesluit 2012. Zoals te lezen in de consultatieversie van het Besluit bouwwerken leefomgeving [https://www.internetconsultatie.nl/omgevingswet_besluit_bouwwerkenleefomgeving] is nog niet bepaald hoe dat er exact uit gaat zien.

Bouwen blijft onder de Omgevingswet in principe vergunningplichtig. Wel wordt er een ‘knip’ gemaakt tussen de ruimtelijk regels en de technische regels in het Bbl. De ruimtelijke regels en de regels voor welstand worden vastgelegd in het omgevingsplan en dus heeft de vergunning voor het bouwen – voor zover het plan niet afwijkt van de ruimtelijke regels – alleen nog betrekking op de technische regels. Onder de Omgevingswet zal nog steeds sprake zijn van vergunningvrij bouwen en zullen ook de Bouwbesluittoetsvrije bouwwerken van de Wkb – als gevolg van de ‘knip’ – hieronder vallen. Voor al het andere bouwen zal dus nog een vergunning nodig zijn. Bij bouwen onder kwaliteitsborging houdt zo’n vergunning weinig meer in, zodat het voor de hand ligt dat voor die werken een meldingplicht zal worden ingevoerd. Net als voorgesteld in de Wkb zal de initiatiefnemer van het bouwen aan het bevoegd gezag moeten melden welk instrument wordt toegepast en welke kwaliteitsborger toeziet op de bouw.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
4 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Het belangrijkste doel van de Wet is om de positie van de eindgebruiker (consument) van de bouwwerken te verbeteren. De consument betaalt al vanaf het begin van het bouwproces mee aan een product dat er nog niet is en hij niet kent. Ze kunnen (vaak) geen tekeningen lezen en beoordelen en hebben beperkte kennis en ervaring met contracten. Ook heersen er tegengestelde belangen in het bouwproces (geld vs. kwaliteit), het is moeilijk voor de consument om zijn recht te halen. De consument staat hierdoor op achterstand ten opzichte van de bouw.

De doelen van de Wet zijn dan ook:

  • Duidelijke verantwoordelijkheden, niet naar elkaar wijzen.
  • De bouw levert zelf kwaliteit.
  • De klant krijgt wat hij/zij wil en waarvoor is betaald.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
1 iemand anders vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Een initiatiefnemer wil gaan bouwen en vraagt een omgevingsvergunning aan. Daarbij worden stukken aangeleverd voor de toetsing door bevoegd gezag aan welstand, bestemmingsplan, omgevingsveiligheid en de bouwverordening. Tevens wordt aangegeven welk instrument wordt toegepast. De gemeente controleert dit instrument in een landelijk register. Nadat de vergunning is verstrekt, contracteert de vergunninghouder alle partijen, waaronder de kwaliteitsborger die het gekozen instrument mag toepassen. De aannemer zorgt dat het bouwwerk voldoet aan het Bouwbesluit, de kwaliteitsborger ziet hier op toe. De aanbieder van het instrument ziet steekproefsgewijs toe of de kwaliteitsborger zijn werk goed doet. De Toelatingsorganisatie ziet toe op de werking van zowel het instrument als het stelsel. Na de oplevering geeft de kwaliteitsborger een verklaring af, aan de vergunninghouder, dat het bouwwerk volgens de regels is uitgevoerd. Vervolgens meldt de vergunninghouder het bouwwerk gereed bij de gemeente. Bij deze gereedmelding zit de conformiteitsverklaring. De gemeente controleert of de gereedmelding juist en volledig is. De gemeente voert geen inhoudelijke controle uit. Zie voor een uitgebreidere versie over de uitleg van het stelsel:

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
1 iemand anders vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

De planning is om het wetsvoorstel in de eerste helft van 2016 naar de Tweede Kamer te sturen. Totdat het advies van de Raad van State is verwerkt en het aangepaste wetsvoorstel naar de Tweede Kamer is gestuurd, is het wetsvoorstel niet openbaar. De laatste openbare versie, de zogenoemde consultatieversie, is hier te vinden. De wijzigingen in de versie die naar de Raad van State is gestuurd – voor zover het ministerie van BZK deze bekend heeft gemaakt –  zijn te vinden in het verslag van de consultatie.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Het wetsvoorstel heeft mei 2015 goedkeuring gekregen van de Ministerraad en is daarna voorgelegd aan de Raad van State voor een advies. Dit advies is augustus 2015 terug gekomen waarna de opmerkingen zijn verwerkt. Het wetsvoorstel is april 2016 aan de Tweede Kamer toegezonden.

iBK heeft eind 2015 een advies uitgebracht over de planning van de invoering van de wet. In dat advies treedt de wet per 2017 inwerking voor de aanpassing wat betreft het Burgerlijk Wetboek en de categorie Bouwbesluittoetsvrije bouwwerken en gaat de Toelatingsorganisatie officieel van start. Per 1 januari 2018 treedt het stelsel inwerking voor Gevolgklasse 1. De overige Gevolgklassen (2 en 3) treden per 2021 inwerking. Zie voor een uitgebreidere uitleg over de planning Advies 11.

In het wetsvoorstel wordt afgeweken van dit advies. Hoofdstuk 11 van de memorie van toelichting, deze is iets gewijzigd ten opzicht van advies 11. De BW aanpassing treedt pas per 1 januari 2018 inwerking, in plaats van samen met de categorie Bouwbesluittoetsvrije bouwwerken in 2017.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Bij aanneming van bouwwerken is (en blijft) de aannemer na inwerkingtreding van de Wkb aansprakelijk voor gebreken die bij de oplevering van het werk niet zijn ontdekt, tenzij deze gebreken niet aan de aannemer zijn toe te rekenen. Hiervan kan niet ten nadele van de particuliere opdrachtgever worden afgeweken. In andere gevallen kan hier alleen van worden afgeweken indien dit contractueel is overeengekomen.

Hiermee wordt een reeds langlopende discussie beslecht in het voordeel van de opdrachtgever en wordt de aannemer gestimuleerd om gebreken reeds bij oplevering zo veel mogelijk te verhelpen. De verruimde aansprakelijkheid versterkt de positie van zowel particuliere als zakelijke opdrachtgevers. De aansprakelijkheid beperkt zich niet tot bouwtechnische aspecten, maar heeft tevens betrekking op alle door de bouwconsument ervaren kwaliteitsaspecten.

In de contracten tussen aannemers en enkele zeer grote, zakelijke opdrachtgevers is al langer ervaring opgedaan met aanscherping van de aansprakelijkheid van de aannemer voor gebreken. Hierbij blijkt dat een scherpere aansprakelijkheid de aannemer stimuleert tot scherpere vormgeving van zijn eigen kwaliteitsborgingssystemen.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Een verborgen gebrek is een gebrek dat niet voor of tijdens de oplevering van een bouwwerk is ontdekt. Op dit moment is een bouwer na oplevering alleen aansprakelijk voor verborgen gebreken en gebreken die zijn genoteerd bij oplevering. Wordt een zichtbaar gebrek bij de oplevering over het hoofd gezien dan is de bouwer daar niet meer aansprakelijk voor. Het gebrek wordt geacht te zijn geaccepteerd door de opdrachtgever.

De aansprakelijkheid voor gebreken is geregeld in artikel 7:758 van het Burgerlijk wetboek. Het wetsvoorstel Kwaliteitsborging voor het bouwen past dit artikel aan. Anders dan in de huidige situatie blijft de bouwer straks na de oplevering aansprakelijk voor alle gebreken die na het moment van oplevering worden ontdekt, tenzij deze niet aan de bouwer zijn toe te rekenen.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
1 iemand anders vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Instrumenten voor kwaliteitsborging hebben betrekking op de voorschriften van hoofdstuk 2 tot en met 6 van het Bouwbesluit 2012. De procedurele voorschriften uit hoofdstuk 1 zijn tevens van toepassing (gelijkwaardigheid, verbouw, etc.).

De voorschriften in hoofdstuk 7 hebben betrekking op (brand)veilig gebruik van een bouwwerk zijn geen onderdeel van de vergunning en vallen dus ook niet onder de Wet kwaliteitsborging. Ook de voorschriften uit hoofdstuk 8 (Bouw- en sloopwerkzaamheden) maken geen deel uit van de kwaliteitsborging. De gemeente kan – in aanvulling op de kwaliteitsborging – een veiligheidsplan opvragen waarin wordt aangegeven op welke wijze aan de de voorschriften van hoofdstuk 8 wordt voldaan. Mocht de bouw naar de mening van het bevoegd gezag risico’s opleveren van derden of belendingen dan kan de gemeente aanvullende eisen opleggen.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

In het wetsvoorstel wordt uitgegaan van een start met de nieuwe regels voor Gevolgklasse 1. Dit zijn bouwwerken die als weinig risicovol worden gezien, zoals grondgebonden eengezinswoningen, kleine  bedrijfshallen en eenvoudige verbouwingen. In ‘De onderkant van Gevolgklasse 1’ vindt u een nadere uitleg van de reikwijdte van het nieuwe stelsel. Het is de bedoeling dat er uiteindelijk via een digitaal uitvraagsysteem – vergelijkbaar met het Omgevingsloket Online – gezocht kan worden naar de juiste gevolgklasse en bijbehorende instrumenten als u wilt gaan bouwen.

Bouwwerken die op dit moment vergunningvrij zijn vallen niet onder het nieuwe stelsel en blijven vergunningvrij. De nieuwe regels voor aansprakelijkheid bij oplevergebreken gelden wel voor alle bouwactiviteiten, ook als ze niet onder Gevolgklasse 1 vallen.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Het verschuiven van de Bouwbesluittoets van de gemeente naar (private) kwaliteitsborger is slechts een deel van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. De Wet kent ook regels die de positie van de consument verbeteren en er voor te zorgen dat deze krijgt beter krijgt waar hij/zij recht op heeft.

Instrumenten voor kwaliteitsborging zien inderdaad alleen op het minimaal aan de eisen van het Bouwbesluit voldoen. Het ligt echter in de lijn der verwachting dat instrumenten ook rekening houden met het leveren van goed en deugdelijk werk.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
1 iemand anders vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Kwaliteitsborger (5)

De kwaliteitsborger ziet door toepassing van een instrument voor kwaliteitsborging toe op het voldoen aan de minimumeisen uit het Bouwbesluit. Na invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen zal voor ieder vergunningplichtig bouwwerk een kwaliteitsborger verplicht moeten worden ingeschakeld.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
2 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

De wet schrijft voor dat voor het bouwen in gevolgklasse 1 een kwaliteitsborger aanwezig moet zijn die een voor het betreffende bouwwerk toegelaten instrument toepast. De wet schrijft niet voor wie de kwaliteitsborger contracteert. Een aannemer kan dus zelf – al dan niet in overleg met zijn opdrachtgever – een kwaliteitsborger kiezen.

De toegelaten instrumenten en de bijbehorende kwaliteitsborgers worden in een landelijke database opgenomen. Deze database is openbaar toegankelijk.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
9 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

De minimale eisen die in een instrument kunnen worden opgenomen worden bij wet geregeld. Ook de minimale eisen waaraan een kwaliteitsborger qua kennis en ervaring moet voldoen worden vastgelegd. Bij het bepalen van die minimale eisen wordt ondermeer gebruik gemaakt van de kwaliteitscriteria zoals deze in het kader van de Wet VTH zijn opgesteld. Voor meer informatie over die kwaliteitscriteria wordt verwezen naar de website van Infomil.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Stel u bent zelfstandige of ambtenaar BWT en u wilt als ZZP’er aan de slag als kwaliteitsborger, kan dit wel en hoe pakt u dit aan? In principe gaat dit het zelfde als bij bedrijven (u bent immers een ‘klein’ bedrijf). U maakt een keuze voor een instrument voor kwaliteitsborging, een bijbehorende Instrumentaanbieder laat u erkennen/certificeren. Er is echter één belangrijke eis vanuit de wet die extra aandacht behoeft. Het gaat hierbij om de projectonafhankelijkheid en feit dat u een extra paar ogen moet laten meekijken. Een kwaliteitsborger moet onafhankelijk zijn. Hier voldoet u als ZZP’er aan, als u alleen kwaliteitsborging als dienst aanbiedt. U kunt dus niet in een andere rol (architect, adviseur etc.) betrokken zijn bij hetzelfde project waar u de kwaliteitsborger van bent.

Voorbeelden van instrumenten die naar alle waarschijnlijkheid een aanvraag voor toelating zullen doen zijn de BRL5019, de TIS-regeling en de Erkenningsregeling kleine bouwwerken (Ekb). Voor meer informatie kunt u terecht bij de betreffende instrumentaanbieders: SKB-Ikob en Kiwa voor de BRL5019, SKG-Ikob voor de TIS en Bouwdossier.nl voor de Ekb.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Uw bedrijf kan kwaliteitsborger worden door met uw bedrijf te voldoen aan die eisen van een instrument dat is toegelaten door de Toelatingsorganisatie (en dus de status heeft van ‘Instrument voor kwaliteitsborging’), en erkend/gecertificeerd te worden door een Instrumentaanbieder van dit instrument voor kwaliteitsborging.

U kiest een instrument uit dat het beste bij uw werkwijze past en dat toegelaten is voor het type bouwwerken waarvoor u de kwaliteitsborging wil toepassen. De aanbieder van het betreffende instrument toetst of uw bedrijf daadwerkelijk aan alle in het instrument voor kwaliteitsborging gestelde eisen voldoet waarna het uw bedrijf erkent/certificeert. Uw bedrijf wordt vervolgens opgenomen in het Register voor kwaliteitsborgers van de Toelatingsorganisatie waarna u het instrument voor kwaliteitsborging mag aanbieden in de markt.

Voorbeelden van instrumenten die naar alle waarschijnlijkheid een aanvraag voor toelating zullen doen zijn de BRL5019, de TIS-regeling en de Erkenningsregeling kleine bouwwerken (Ekb). Voor meer informatie kunt u terecht bij de betreffende instrumentaanbieders: SKB-Ikob en Kiwa voor de BRL5019, SKG-Ikob voor de TIS en Bouwdossier.nl voor de Ekb.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Toelatingsorganisatie (2)

Op 27 november 2013 heeft minister Blok (Wonen en Rijksdienst) aan de Tweede Kamer onderstaande brief gestuurd over verbetering kwaliteitsborging in de bouw. In de brief wordt aangekondigd dat een toelatingsorganisatie (zelfstandig bestuursorgaan) zal worden aangewezen die toezicht zal gaan houden op het nieuwe stelsel:

“Voor de beoordeling, indeling naar risicoklasse en de toelating tot het stelsel van instrumenten voor private kwaliteitsborging zal een toelatingsorganisatie worden aangewezen. Deze toelatingsorganisatie zal strikt toetsen of nieuwe instrumenten voor kwaliteitsborging voldoen aan door de overheid gestelde criteria.”

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

De Toelatingsorganisatie zal in het nieuwe stelsel de volgende taken krijgen:

  • Beoordelen van instrumenten aan de wettelijke eisen
  • Bijhouden van een register van toegelaten instrumenten en kwaliteitsborgers die deze instrumenten mogen toepassen
  • Toezicht houden op de werking van instrumenten via toezicht op instrumentaanbieders en door ‘reality checks’ op de bouwplaats
  • Het opleggen van sancties op instrumenten die onvoldoende werken of niet juist worden toegepast
  • Het geven van voorlichting en rapporteren over de werking van de kwaliteitsborging in de bouw

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Instrumenten voor kwaliteitsborging (7)

Een instrument is een werkwijze waarmee een kwaliteitsborger tijden de bouw toeziet op het voldoet aan de geldende voorschriften.Dit kan bijvoorbeeld een erkenningsregeling of certificering zijn.

Een instrument beschrijft op welke wijze het toezicht (de kwaliteitsborging) moet worden ingericht en uitgevoerd. Instrumenten moeten voldoen aan wettelijke gestelde eisen en worden toegelaten tot het stelsel alvorens deze mogen worden toegepast door een kwaliteitsborger.

In Advies 8 is na lezen waaraan instrumenten volgens iBK minimaal aan moeten voldoen.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
4 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Een partij in de bouw (branchevereniging, certificerende instelling of dergelijke, verder instrumentaanbieder (IA) genoemd, wil een instrument voor kwaliteitsborging maken en laten toepassen. Dit proces gaat als volgt:

  • De IA maakt een regeling / instrument. Een instrument is een normatief document waarvan de toepassing leidt tot een bouwwerk dat aan het Bouwbesluit 2012 voldoet. Het beschrijft hoe het toezicht en de controle moet worden georganiseerd, welke mensen daarvoor nodig zijn en hoe het eindresultaat kan worden bereikt.
  • Instrument wordt voorgelegd aan de Toelatingsorganisatie. Deze toetst het instrument aan wettelijk eisen en kijkt voor welke risicoklasse het instrument geschikt is.
  • Indien het instrument voldoet schrijft de Toelatingsorganisatie het instrument in in een register, inclusief de Gevolgklasse waar het geschikt voor is, en eventueel het type bouwwerk.
  • Partijen die het instrument willen gaan toepassen worden hiertoe door de AI erkend nadat onderzocht is of die partijen aan alle eisen voldoen.
  • Een erkende of gecertificeerde partij wordt in het register gekoppeld aan het instrument: bijvoorbeeld kwaliteitsborger Y mag instrument X toepassen voor bouwwerken in klasse Z.

Zie ook het proces op hoofdlijnen.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

De instrumentaanbieder is de organisatie die een instrument voor kwaliteitsborging  ontwikkeld en vervolgens aanbiedt aan zowel de Toelatingsorganisatie (voor toelating tot het stelsel) en aan de kwaliteitsborger (om toe te laten passen tijdens de bouw). De instrumentaanbieder houdt toezicht op de juiste toepassing van het instrument door de kwaliteitsborger.

Een instrumentaanbieder kan een certificerende instelling zijn, een brancheorganisatie of een bedrijf.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Op dit moment zijn er officieel nog geen instrumenten voor het nieuwe stelsel. Pas na toelating door de Toelatingsorganisatie kan je spreken over een instrument voor private kwaliteitsborging. Op dit moment is er wel al een aantal instrumenten in ontwikkeling, denk hierbij aan de TIS Bouwbesluit, Woningborg, certificerings- en erkenningsregelingen voor toetsing en toezicht, maar ook voor bepaalde kant-en-klare bouwwerken. Zie ook ‘beschikbare instrumenten’ en ‘welke instrumenten zijn er in ontwikkeling’.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Wettelijk kan alleen worden voorgeschreven dat in een instrument moet worden opgenomen op welke wijze een kwaliteitsborger moet toetsen aan de geldende voorschriften (Bouwbesluit). Daarnaast kan een instrument wel aanvullende eisen zoals voor goed en deugdelijk werk en contractuele afspraken voorschrijven. Een instrument bestaat dus uit een wettelijk verplicht en en vrijwillig deel. Dus ja, een instrument kan over het gehele kwaliteit van een bouwwerk gaan. Alleen de minimale eisen uit het Bouwbesluit (de minimale kwaliteit) kunnen echter wettelijk worden voorgeschreven.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
0 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Voorschriften zoals de bereikbaarheid voor hulpdiensten, bluswater, etc. zullen ook onder het nieuwe stelsel met het bevoegd gezag moeten worden afgestemd. Dit zal of via een specifieke eis in de instrumenten lopen of via de resterende omgevingsvergunning voor het bouwen. Het is de taak van de vergunninghouder om te zorgen dat een en ander wordt afgestemd.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
1 iemand anders vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Een instrument dat is ontworpen voor een hogere Gevolgklasse, mag voor bouwwerken in een lagere Gevolgklasse worden toegepast. Andersom is dit niet toegestaan. Dus een instrument voor Gevolgklasse 2 mag voor bouwwerken in Gevolgklasse 1 worden toegepast en een instrument voor Gevolgklasse 3 mag dus zowel voor gebouwen in Gevolgklasse 2 als 1. Een instrument voor Gevolgklasse 1 mag niet worden toegepast voor een bouwwerk in Gevolgklasse 2 of 3.

Klik hier als u dit nuttig antwoord vindt.
2 anderen vonden dit nuttig.

0 Reacties - Geef een reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *